Archive Monthly Archives: december 2019

Gezocht: échte volksvertegenwoordigers!

Vorige week ging mijn bericht over mijn wens dat iedereen lid wordt van een politieke partij.

Wat je daar ook van vindt, dat zou er in ieder geval voor zorgen dat de vijver, waaruit men geschikte personen voor politieke functies kan vissen, behoorlijk zou toenemen.

Gelet op de geringe afmetingen van de huidige politieke vijvers is substantiële groei een noodzakelijke voorwaarde om betere volksvertegenwoordigers en betere bestuurders te krijgen.

Ik hoorde ergens de uitspraak: we hebben niet meer democratie, maar beter beleid nodig. Daar ben ik het helemaal mee eens en daar heb je die meer gekwalificeerde functionarissen voor nodig.

Als de overheid beter presteert hoef ik me als burger minder druk te maken over de dagelijkse politieke gang van zaken. Dan hoef ik ook geen referendum om mij te kunnen uitspreken over een Associatieovereenkomst tussen de EU en Oekraïne, om maar iets heel onnozels te noemen.

De genoemde noodzakelijke voorwaarde is nog geen voldoende voorwaarde. Wat er nodig is dat is dat politieke partijen een adequaat selectiemechanisme ontwikkelen om te bepalen welke partijgenoten geschikt zijn om raadslid of wethouder te worden, kamerlid of minister.

Laat ik me nu even beperken tot de functie van volksvertegenwoordiger. Over welke kwaliteiten zou zo iemand moeten beschikken? Waar selecteer ik kandidaten op?

Ik heb het idee dat op dat punt de plank nogal eens wordt misgeslagen.

Wie wordt politicus van het jaar 2019? Dat zou zomaar Pieter Omtzigt (CDA) kunnen worden. Diezelfde Omtzigt werd door de kiescommissie bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2012 niet op de kandidatenlijst geplaatst. Het congres greep in en zette hem op een onverkiesbare 39e plek. Dankzij 36.750 voorkeursstemmen werd hij (weer) in de Tweede Kamer gekozen.

Ik zag de samenstelling van de kandidatencommissie van een politieke partij ten behoeve van de volgende Tweede Kamerverkiezingen. Bijna alle leden van die commissie zijn bestuurders. Waarom doen ze dit, vraag ik me af? Soort zoekt soort, bestuurder zoekt bestuurder, terwijl we volksvertegenwoordigers nodig hebben, want daar gaan die verkiezingen over.

We hebben de echte volksvertegenwoordigers zo hard nodig in een wereld waarin raadsleden graag voor wethouder spelen en Tweede Kamerleden liefst minister zijn. We hebben politici nodig die echt contact hebben met de burgers en deze vertegenwoordigen. Geen gekozenen, die stapels papier lezen om te kijken of de ambtenaar ergens een typefout heeft gemaakt.

Wat zijn de eigenschappen waar een goede volksvertegenwoordiger over moet beschikken?

Heb je daar een mening over? Welke selectiecriteria zou jij gebruiken?

Ik hoor het graag.

Peter Hovens
Coöperatie SamenWereld

Allemaal lid van een politieke partij: droom of nachtmerrie?

Gemeenschappen moet zich sterker organiseren om hun eigen verantwoordelijkheden waar te maken. Dat is beter voor de gemeenschap – zij weet zelf het beste wat goed voor haar is – en het is beter voor de overheid, want dan wordt zij ontlast.

Burgers pakken zich goed samen als het gaat om het oprichten van een voetbalclub of om lid te worden van IVN of om een buurtvereniging te vormen. Dat is een goede zaak. Daar mag wat mij betreft nog een tandje bij worden gezet, namelijk dat burgers in een wijk of dorp zich samenpakken om de eigen leefbaarheid te regelen.

Dan nemen ze verantwoordelijkheid voor een schone, hele en veilige omgeving. Maar dat niet alleen, het omzien naar de medemens groeit op een natuurlijke manier. Gewoon even de vraag stellen: ‘Hoe is het met mijn buurman of -vrouw en kan ik iets voor hem of haar betekenen?’

Op dat vlak is nog een wereld te winnen.

Dat geldt ook voor het publieke domein als geheel. De prestaties van de overheid kunnen alleen maar toenemen als ze burgers in positie brengt om te participeren. En vooral wanneer burgers zich beter weten te organiseren.

Op het snijvlak van leef- en systeemwereld functioneren de politieke partijen. Dat zijn verenigingen van burgers en ze hebben directe invloed op de kwaliteit van politici en bestuurders. Wat zou het mooi zijn als deze verenigingen de smeerolie zijn, quod non.

In het ideale plaatje, althans mijn ideale plaatje, zijn alle burgers lid van een politieke partij. Daar zitten we op dit moment met 2,4% van de kiesgerechtigden wel heel ver vanaf.

Hoe komt dat? Waarom sluiten burgers zich niet aan bij een of andere politieke vereniging? Waarom wel doneren aan Greenpeace of lid van worden van een postzegelclub; waarom niet van een politieke organisatie?

Enkele weken geleden stond in Elseviers Weekblad een opiniebijdrage van Roelof Bouwman met de titel ‘Als lid van een politieke partij ben je een beetje een sukkel’. Zou het dat zijn?

In NRC van dit weekend las ik een artikel over onder andere Paul Verhaeghe, die vaststelt dat we een tragedie (bijvoorbeeld klimaatverandering) nodig hebben om te zoeken naar collectieve oplossingen. Dat lukt niet als we daarnaast geen verbindende politieke leiders hebben, die het voortouw nemen. Die hebben we dus niet. Misschien is dat wel het probleem?

Hoe dan ook, ik ben eigenlijk wel benieuwd hoe het bij jou zit. Waarom ben je lid van een politieke partij? Of waarom niet? Misschien overweeg je wel om je aan te sluiten, of krijgt je er wellicht nachtmerries van? Of ben je ooit lid geweest, maar heb je je club de rug toegekeerd?

Waarom, waarom, waarom?

Laat het me weten. Ik ben erg benieuwd.

Peter Hovens
Coöperatie SamenWereld

Ik wil dit even kwijt

Ik vraag me regelmatig af of in politiek Den Haag nog mensen rondlopen die verstand hebben van staats- en bestuursrecht; die weten hoe democratie behoort te werken, die begrijpen hoe de rechtsstaat behoort te functioneren en die weten wat de trias politica inhoudt met zijn checks and balances.

Afgelopen week was wat dat betreft weer een hoogtepunt. Baudet had het over een ‘sluipende overname van de rechterlijke macht over de democratie’. Het is nota bene de Vice-President van de Raad van State – Thom de Graaf – die hem publiekelijk van repliek moet dienen. Waarom corrigeert de Tweede Kamer de FvD-voorman niet?

Het volgende staaltje werd geleverd door de meerderheid van de Tweede Kamer, die niet snapt wat ‘ministeriële verantwoordelijkheid’ inhoudt.

Ik heb het natuurlijk over staatssecretaris Snel van Financiën en de toeslagenaffaire. Politieke verantwoordelijkheid ziet niet alleen op het handelen van een bewindspersoon zelf, maar ook op het handelen en nalaten van ambtenaren die werkzaam zijn op het betreffende ministerie.

Er zijn honderden, misschien wel duizenden ouders ten onrechte aangemerkt als fraudeur, zonder onderzoek en met omgekeerde bewijslast. Mensen die onmiddellijk geld moesten terugbetalen aan de belastingdienst. Dat vaak niet konden en te maken kregen met loonbeslag. Vervolgens in de schulden terechtkwamen en zelfs dakloos raakten.

Het citaat ‘Mijn leven is naar de klote’ was overal in het nieuws.

Ik weet niet wat jij hiervan vindt, maar de overheid slaat hier wel heel erg de plank mis met zeer pijnlijke gevolgen.

Uitspraken van de Raad van State, kritische rapporten van de Nationale Ombudsman en van de Commissie Donner, journalistiek onderzoek van Trouw en RTL Nieuws hebben het ellendige functioneren van de Afdeling Toeslagen van de Belastingdienst blootgelegd. Er is zelfs sprake van onrechtmatig handelen.

Dat kan alleen maar betekenen dat de staatssecretaris zijn verantwoordelijkheid moet nemen en moet opstappen. Dat doet hij niet. In de Tweede Kamer is geen meerderheid te vinden voor een motie van wantrouwen. Jammer dat de zeer kritische parlementariër Pieter Omtzigt als lid van coalitiepartij CDA hier niet in mee kon gaan.

De reden waarom de bewindspersoon nog politieke steun krijgt is dat men hem in staat acht om de problemen op te lossen.

MAAR DAAR GAAT HET NIET OM.

Het gaat om het nemen van politieke verantwoordelijkheid voor dit dossier, de aangerichte ellende. Laat de bevolking zien dat het menens is, dat een mea culpa niet volstaat.

En dan vertel ik je nog wat nieuws. Mijn collega Leo Klinkers heeft in 2006 in opdracht van de belastingdienst onderzoek gedaan naar het functioneren van het zorg- en huurtoeslagsysteem. Zijn conclusie was:

  1. De politiek heeft in het Hoofdlijnenakkoord in 2003 – zonder haalbaarheidsanalyse – besloten dat in het kader van het nieuwe zorgstelsel een zorgtoeslag werd ingevoerd. En ik citeer: ‘Een aan de belastingdienst gelieerde uitvoeringsorganisatie zal deze en andere inkomensafhankelijke regelingen gaan uitvoeren.’
  2. De ambtenaren van de belastingdienst riepen in koor: ‘Doe dat alstublieft niet, wij kunnen dit niet, het gaat geheid mis’;
  3. De belastingdienst is niet ingericht op het uitvoeren van toeslagenbeleid. Dat past niet binnen de bestaande systemen, de cultuur, de organisatie en de ambtenaren. Het geheel is gericht op inning van gelden en niet op het uitkeren daarvan.

Als men zijn advies ter harte had genomen, hadden ze het toeslagensysteem weggehaald bij de belasting en overgeheveld naar een andere dienst. Dan had Frans Weekers destijds ook niet als staatssecretaris hoeven af te treden.

Ik ben benieuwd of deze staatssecretaris dat advies nog een keer onder ogen krijgt. Dat zal wel niet, want deze bewindspersoon en zijn voorgangers wordt stelselmatig informatie onthouden.

Sorry, ik moest dit even kwijt.

Peter Hovens
Coöperatie SamenWereld

In Search of Democracy

Ik heb afgelopen week op uitnodiging van Math de theatervoorstelling In Search of Democracy 3.0 bezocht, of beter gezegd: ik heb eraan deelgenomen. Het is immers een performance met interactie met het publiek. Hier kun je een kort filmpje zien van een van de voorstellingen.

In vond het mooi om te zien hoe democratie door iedereen wordt omarmd, ook al werden er nogal wat zorgen geuit over het functioneren ervan. De aangedragen oplossingen over hoe het beter kan waren heel divers.

Maar ja, het publiek was niet bepaald een afspiegeling van de samenleving. Er waren geen gele hesjes bij, zal ik maar zeggen. Ik zag wel meerdere mensen met een politieke achtergrond.

Een van de aanwezigen bracht de beroemde uitspraak van Churchill naar voren: ‘Democracy isn’t perfect, I just don’t know a better system’.

Daar kun je het eigenlijk niet mee oneens zijn, maar het leidt tot apathie: het is zoals het is.

Dat heeft me wel aan het denken gezet. Gaan we er te gemakkelijk vanuit dat het wel snor zit met onze democratie? Of moeten we alert zijn op fenomenen die onze democratie bedreigen?

Wat te denken van beïnvloeding van verkiezingen door andere mogendheden (Rusland) via social-mediakanalen? Is het niet vreemd dat dictatoriaal geleide bewegingen meedoen aan democratische verkiezingen, zoals de PVV? Is het akelig of is het een zegen dat iemand als Trump democratisch gekozen leider van een grootmacht kan worden? Hoe is het mogelijk dat democratisch gekozen leiders (Erdogan, Orbán, Kaczyński) steeds meer macht naar zich toetrekken en vervolgens de rechtsstaat geweld aandoen? Is het niet raar dat de pers gisteren werd geweerd bij de Algemene Ledenvergadering van FvD?

Democratie is een groot goed, het is niet vanzelfsprekend en het verdient alle bescherming. Maar ik geloof niet dat andere vormen, zoals referendum, loting, burgerfora de oplossing zijn en democratie sterker maken, integendeel, het wordt er zwakker door.

Een belangrijk deel van de oplossing ligt volgens mij op het bordje van politieke partijen. Zij hebben de sleutel in handen. Ze opereren op het scheidsvlak van samenleving (mensen verenigen zich rondom politieke opvattingen) en overheid (partijen selecteren politici en bestuurders).

Over politieke partijen riep iemand tijdens de voorstelling: ‘afschaffen, die hap!’ Gek, hoe mensen verschillend kunnen aankijken tegen oplossingen voor een probleem waar overeenstemming over bestaat.

Wat vind jij? Loopt het wel los met onze democratie? Moeten we ons zorgen maken? Wat staat ons te doen?

Ik hoor het graag.

Peter Hovens
Coöperatie SamenWereld

Powered by WishList Member - Membership Software