Archive Monthly Archives: augustus 2019

De brief van de burgemeester

Vorige week was Maxim Februari te gast bij VPRO’s Zomergasten. Hij liet fragmenten zien van de documentaire ‘De brief van de burgemeester’.

Deze documentaire uit 2014 gaat over een brief die de burgemeester van het Groningse dorp Finsterwolde stuurt aan bewoners van een buurt waar de omgeving verloedert, waar sociale problematiek heerst. Hij vertelt deze mensen dat hij zich zorgen maakt en dat hij de bewoners wil betrekken bij het oplossen van de problemen.

Een week later krijgen deze bewoners bezoek van een eigen-kracht-coördinator die met hen individuele gesprekken voert. Hieruit blijkt dat de buurtbewoners weliswaar negatieve verschijnselen waarnemen, maar zij ervaren die niet als een probleem. Ze zijn eigenlijk verbaasd over de brief.

Gaandeweg blijkt er toch wel een en ander aan de hand te zijn en raken de bewoners betrokken bij de vraagstukken. Tijdens een bewonersavond wordt alles nog eens op een rijtje gezet. Mooi om te zien dat er verbinding tussen de mensen is ontstaan: groepsgevoel en verantwoordelijkheidsbesef.

Dan is het schrikken, want de coördinator neemt na afloop van deze avond afscheid van de mensen en laat hen aan hun lot over. Maar dat pakt goed uit, want de bewoners worden zelf actief en steken de handen uit de mouwen om de verloedering aan te pakken en contacten met moeilijk bereikbare medebewoners te leggen.

Maar ze zijn ook afhankelijk van een woningbouwcorporatie. Wat een moeizame weg om daarmee te communiceren. Een directeur die de taal van het volk niet spreekt.

En de relatie met de overheid? Er is geen wethouder te bekennen noch een raadslid die zich de zorgen van de bewoners aantrekt. En de burgemeester? Hij heeft de boel weliswaar aangezwengeld, maar voor de rest zien we hem alleen maar in het filmpje op het moment dat hij een afvaardiging van de bewoners ontvangt in het gemeentehuis?

Waarom gaat deze burgervader niet naar de mensen toe?

De bewoners blijven vooralsnog – ondanks de positieve ontwikkelingen – hangen in de modus ‘eerst zien dan geloven’. Dat is hardnekkig, maar begrijpelijk, vertrouwen komt immers te voet.

Een omslag in het denken is nodig. En dat is vreselijk lastig. Dat geldt ook voor bewoners die eigen verantwoordelijkheid moeten nemen, maar de neiging hebben om te blijven leunen op de overheid. Dat is best een moeilijk proces, waarbij de mensen – zeker in het begin – een steuntje in de rug nodig hebben.

Peter Hovens
Coöperatie SamenWereld

Moe van inwoners en burgerparticipatie?

Moe van inwoners en burgerparticipatie?

Drie vragen voor een leuke en effectieve samenwerking met de inwoners

Veel beleidsmedewerkers en projectleiders zuchten als ze de input van inwoners mee moeten nemen. “Daar kan toch niets goeds van komen?” Dan maar liever zoveel mogelijk interactie vermijden. Dat voelt echter niet goed en is gelukkig onnodig. Door jezelf drie eenvoudige vragen te stellen, werk je leuker en effectiever met inwoners samen.

Verwachtingen, teleurstelling en frustraties

Beleidsmedewerkers en projectleiders zijn inhoudelijk expert en kennen de ins en outs van hun project. Inwoners brengen vanuit een heel ander perspectief hun gedachten, emoties en ideeën in. Kun je redelijkerwijs verwachten dat mensen zinvolle input kunnen leveren op jouw vraag? Zien inwoners hun input voldoende terugkomen in het vervolg van jouw project? Beide kanten begrijpen elkaar niet altijd goed; en raken zo teleurgesteld of zelfs gefrustreerd.

Drie eenvoudige vragen

Door jezelf voorafgaand aan ieder proces of project drie ogenschijnlijk eenvoudige vragen te stellen, vergaar je leuker en zinvoller input van inwoners of organisaties:

1)   Stel je de juiste vraag, op het juiste moment aan de juiste personen?
2)  Zitten inwoners op jouw vraag te wachten en nemen jij, je opdrachtgever en het bestuur hun input serieus?
3)   Weet je hoe de input van inwoners kunt verwerken en het dan verworven draagvlak kunt bestendigen?

Stel je de juiste vraag op het juiste moment in het proces?

In deze post ga ik in op vraag één, de hamvraag. Hoe eerder in het proces en open je vraag is, hoe meer ruimte je biedt aan het antwoord. Des te concreter een project en je vraag, des te groter de kans dat iemand effectief input kan geven. Wanneer je inwoners of organisaties om input vraagt, hangt dus van je maatschappelijke uitdaging of projectopdracht af.

Is er nog ruimte voor probleemanalyse en visievorming? Dan kun je mensen vroegtijdig om input vragen en met hun input tot een gedegen analyse komen. Is de oplossing al duidelijk of is er weinig ruimte voor visievorming? Vraag dan mensen ook niet om hun input daarop, maar bedenk waarover ze wel zouden kunnen meedenken. Zoals bij voorzieningen waar niemand op zit te wachten:

Rond NIMBY-projecten (voorzieningen waar niemand naast wil wonen) is menig projectleider of bestuurder huiverig om input te vragen, omdat buurtbewoners per definitie tegen lijken te zijn. Weerstand bij buurtbewoners is echter een manier om uiting te geven aan hun angsten. Leg uit dat de buurt niet gaat over de locatiekeuze bij dergelijke voorzieningen. Erken tegelijk hun angsten en probeer met de buurt in gesprek te komen over de wijze waarop de voorziening, de gemeente en de buurt zo goed met elkaar kunnen samenwerken om eventuele problemen te voorkomen. Dat is in het begin altijd heftig en precair. Als je zorgvuldig en open blijft communiceren en het meent, neem je uiteindelijk weerstand weg en verbetert je gesprek met de buurt.

Stel je de vraag aan de juiste persoon of organisatie? 

Wie herbergt eigenlijk zinvolle kennis? Dat zijn lang niet altijd de ‘usual suspects’ als de directeur of de voorzitter van de wijkvereniging. Je staat ervan versteld hoeveel kennis een conciërge op school, de onzichtbare kracht in de buurt, de wijkverpleegkundige of de plaatselijke winkelier heeft. Kijk eens los van belangen en ‘stakeholders’ naar inhoudelijke sleutelfiguren. Dat komt je participatieproces geheid ten goede. Wij pasten in Voorst de methode van Samenlevingsbeleid toe. De eerste stap betrof het interviewen van inwoners.

In het project Voorst onder de Loep vroegen wij 411 sleutelfiguren uit de Voorster samenleving naar maatschappelijke ontwikkelingen, problemen en oorzaken rond armoede, eenzaamheid, depressies, verslaving, ect. Het betrof actieve inwoners, leraren, praktijkondersteuners, ondernemers, kerken, sportverenigingen, etc. die vanuit hun eigen ervaring en kennis input leverden. Tegen de rijkdom en diversiteit aan input die dit opleverde kon geen onderzoek op. De volledige analyse baseerde het projectteam op basis van deze interviews. Experts die we naderhand vroegen ter validatie spraken allen hun enorme verbazing en waardering uit.

Wie zit er op het antwoord te wachten?

In de volgende blog post ga ik in op de tweede vraag: in hoeverre zitten jijzelf, je opdrachtgever, je collega’s en, last but not least, inwoners op het vraag en antwoord-spel te wachten. En wordt de input van inwoners in jouw proces serieus genomen?

Verdieping in masterclass

In de GRATIS masterclass Beleid maken met de samenleving ga ik dieper in op deze drie vragen, praktijkvoorbeelden en andere tips. Opgeven of meer informatie? Stuur een mail naar koen@samenwereld.nl

Heb je goede of slechte ervaringen? Heb je tips? Deel je ervaringen gerust in de comments hieronder.

De Raad van State grijpt in: mooi toch?

De Raad van State heeft op 29 mei dit jaar een uitspraak gedaan over de toepassing van het Programma Aanpak Stikstof (PAS). PAS bevat de basis om toestemming te geven voor activiteiten die stikstof uitstoten.

Deze uitspraak betekent dat toestemming pas mogelijk is wanneer vooraf vaststaat dat maatregelen om de gevolgen van stikstof op natuurgebieden te verminderen daadwerkelijk worden getroffen. Daar werd tot nu toe veel te soepel mee omgegaan.

De gevolgen van de uitspraak zijn enorm groot. Vele in voorbereiding zijnde (ruimtelijke) plannen staan nu op losse schroeven. NRC opende woensdag de krant met de melding dat er een streep was gehaald door bouwplannen voor een nieuwbouwwijk (470 woningen) in Roermond.

Dat hakt er stevig in. Maar wat vind ik hier dan zo mooi aan?

Het gaat mij niet om de inhoudelijke kant van deze kwestie, maar om het volgende.

We kennen allemaal de scheiding der machten, de leer van de Trias Politica, waar Montesqieu beroemd om is geworden. De wetgevende macht, de uitvoerende macht en de rechtsprekende macht zijn van elkaar gescheiden, al doen we dat in Nederland niet volgens het boekje.

Bij ons vormt de regering de uitvoerende macht en maakt tegelijkertijd deel uit van de wetgevende macht. In mijn Boek SamenWereld leg ik verder uit wat daar ongelukkig aan is en waarom we een voorbeeld kunnen nemen aan de Verenigde Staten van Amerika.

Wat minder bekend is, dat is dat we – gelieerd aan de Trias – het systeem van checks and balances kennen, dat ervoor zorgt dat de drie machten elkaar in evenwicht houden. Het voorkomt dat een van de machten gaat domineren.

Dat is gebeurd met de uitspraak van de Raad van State die ervoor zorgt dat de juridische macht de uitvoerende macht begrenst door confrontatie met de normen van de wetgevende macht. In dit concrete geval gaat het over de Europese Habitatrichtlijn.

Zo houden we de boel in balans en vliegt er niemand uit de bocht: mooi toch?

Peter Hovens
Coöperatie SamenWereld

De burger centraal?

Ik lees heel vaak bij beleidsvoornemens van overheden en maatschappelijke organisaties: ‘De burger/klant staat centraal.’

Dat klinkt heel mooi, bijna als een open deur, maar helaas is dat dikwijls een holle frase. Als je de burger echt centraal zet dan kun je niet anders dan je beleidsproces bij die burger starten.

En juist dat gebeurt zelden. Meestal komt de burger pas in een laat stadium in beeld, dan staat het beleid – ‘met de burger centraal’ – al in de steigers. In zo’n geval is de burger niet meer dan een object, terwijl in mijn ogen de burger het subject moet zijn.

Ik heb de afgelopen week weer kennisgenomen van zo’n staaltje overheidsbeleid. Je hebt waarschijnlijk ook wel meegekregen dat Minister Bruins voornemens was om een wet te introduceren waarbij er onderscheid wordt gemaakt tussen mbo- en hbo-verpleegkundigen. Dat voorstel is nu in de ijskast beland vanwege hevig protest van de zijde van verpleegkundigen.

Dan vraag ik me weer af hoe zoiets mogelijk is. Er wordt een wet gemaakt ten behoeve van de verpleegkundigen en vervolgens verzet deze doelgroep zich daartegen.

Vakbonden en beroepsorganisaties zijn weliswaar betrokken geweest bij de voorbereiding, maar niet de verpleegkundigen zelf. Zeg maar zij die zorgen voor de handen aan het bed. Nu weet ik eerlijk gezegd niet of de Minister ooit geroepen heeft: ‘De verpleegkundige staat centraal’, maar dat terzijde.

Ik heb een aantal dagen geleden een gesprek gevoerd met een potentiële opdrachtgever die met mij wilde praten over een opdracht om een visienota op te stellen. En ook zij had het over ‘de klant centraal’. 

Voor haar betekent dit dat zij geen zaken wil doen met adviesbureaus, die het allemaal zo goed weten en geen boodschap hebben aan de burger. Die consultants hebben immers de wijsheid in pacht en de blauwdrukken liggen in hun bureaula.

Dan mogen burgers op een later moment ook een keer hun zegje doen. Ze kunnen dan opdraven tijdens een informatieavond, het een en ander roepen en wat van die geeltjes plakken op een aantal van tevoren bedachte stellingen ‘om de avond in goede banen te leiden’. 

Gelukkig zijn er dus ook nog gezagsdragers die er anders tegenaan kijken. Beginnen bij het begin en dat is bij de burger: de burger centraal.

Peter Hovens
Coöperatie SamenWereld

Zetelroof: mag het wel of mag het niet?

Naar aanleiding van mijn bericht van vorige week over de band tussen kiezer en gekozene heb ik aardig wat reacties gehad. Een van de reacties betrof de ergernis over de versplintering in de politiek. 

Dat was trouwens niet de eerste keer dat iemand deze ergernis uitsprak, ook al eerder naar aanleiding van andere berichten. Kennelijk een gevoelig punt.

Ik denk dat ons democratisch stelsel gebaat is bij helderheid en overzichtelijkheid. Ingewikkelde toestanden, daar zit niemand op te wachten en draagt niet echt bij tot vertrouwen in het systeem.

Stembiljetten die onderhand op A0 moeten worden geprint zijn vooral voor kiezers die op het laatste moment in het stemlokaal nog de knoop moeten doorhakken een verschrikking.

Het politieke landschap wordt onoverzichtelijk wanneer vele politieke partijen daar deel van uitmaken. In onze coalitiedemocratie zijn mogelijk (te) veel partijen nodig om een meerderheid te vormen. Dat maakt het ingewikkeld.

De belangrijkste oorzaak van de versplintering is misschien nog wel de zogenaamde zetelroof. De situatie dat een gekozene al dan niet vrijwillig zijn fractie verlaat en zijn – mede dankzij partijstemmen verkregen – zetel niet teruggeeft aan zijn politieke partij.

Het verschijnsel is juridisch niet te voorkomen of je moet al het grondwettelijk beschermd beginsel, dat elke volksvertegenwoordiger kan stemmen zonder last, geweld aandoen. Hier moeten we echt met onze vingers van afblijven.

Zetelroof is bepaald geen vertrouwenwekkend verschijnsel en doet de democratie geen goed. Alhoewel? Ik ben hierover eens gaan lezen en nadenken.

Ik kan je verklappen dat ik er wat genuanceerder tegenaan ben gaan kijken.

Al met al vind ik zetelroof nog steeds een vervelend verschijnsel, maar ik heb wat minder hekel gekregen aan de zetelrover en wat meer aan het systeem dat die zetelroof in de hand werkt.

Ik heb een en ander beschreven in een paragraaf die ik ga opnemen in mijn Boek SamenWereld. Die paragraaf kun je hier lezen.

Peter Hovens
Coöperatie SamenWereld.

Powered by WishList Member - Membership Software